We zijn er met z’n allen maar druk mee. Altijd onderweg, altijd aan. Er moet gewerkt worden, gezorgd, geregeld. Even niets doen? Dat voelt voor velen bijna ongemakkelijk.
In mijn praktijk hoor ik het vaak: “Stilzitten? Dat kan ik niet.”
Niet omdat er geen tijd is, maar omdat het bijna tegen de natuur in voelt. Hard werken en altijd klaarstaan voor anderen – het is een kracht. Misschien zelfs iets waar je trots op bent. En terecht.
En eerlijk is eerlijk: het heeft je veel gebracht. Een succesvolle carrière, een warm netwerk van mensen om je heen, fijne vakanties, of het gevoel altijd nuttig te zijn. Jij bent degene die het regelt. Die altijd doorgaat. En juist dát maakt het soms lastig om op de rem te trappen. Want hoe doe je dat, als je dat nooit echt geleerd hebt?
De valkuil van altijd maar doorgaan, is dat je ongemerkt over je eigen grenzen gaat. Omdat stoppen of vertragen voelt als falen, als zwakte. Terwijl het in werkelijkheid een teken van kracht is als je durft te pauzeren.
De uitknop vinden begint klein. Niet meteen met een retraite of een radicale ommezwaai – al mag dat natuurlijk ook. Maar bijvoorbeeld door vijf minuten niets te doen. Even een kopje koffie drinken zonder telefoon. In stilte in de auto zitten voordat je uitstapt. ‘Nee’ durven zeggen, ook al voel je de neiging om weer te helpen.
Als coach kijk ik graag met je mee. Niet om het voor je op te lossen, maar om samen te onderzoeken wat jij nodig hebt om ruimte te maken voor rust. En hoe jij die uitknop weer kunt leren vinden – op een manier die bij jou past.
